Opening expositie Werk in Wording 5 juli 2024

Het openingswoord van de expositie werd uitgesproken door Anneke Verstegen waarna Siemen Dijkstra en Egbert Meijers een lezing gaven.

Egbert Meijers is de schrijver van het boek dat volgend jaar als onderdeel van het project Beek in Beeld zal verschijnen en lichtte in zijn lezing al een tipje van de sluier op:

De Drentsche Aa is een bijzonder fenomeen. Het is een van de laatste vrijstromende beekstelsels in West Europa en alleen al daardoor uniek. Toen ik door de werkgroep gevraagd werd vandaag deze tentoonstelling van een verhaal te voorzien, moest ik aan dát woord denken: vrijstromend. Het is een toepasselijke karakterisering van dit project van het Drents Schilders Genootschap.

Een tiental jaren nu mag ik me ambassadeur noemen van het Nationaal Park Drentsche Aa. Een eervolle titel die ik toebedeeld kreeg door de vorige voorzitter Hendrik Oosterveld. Zo’n titel brengt een bepaalde verwachting met zich mee. Ik ben regelmatig in het stroomdal aanwezig om het te observeren en te genieten van deze bijzondere natuurlijke wereld. En mede vanuit die hoedanigheid is het fijn aan dit project mee te mogen werken.

Vanaf 2019 draagt het gebied de titel Nationaal Park Drentsche Aa. Het is een kwetsbaar landschap, doorsneden met ondergrondse gasleidingen, snelwegen, een spoorlijn en omringd door industrieel agrarische landerijen, uitdijende dorpen en de stad Assen, ook wel Assen aan de Aa genoemd.

Het is ook een zeer waardevol landschap. Ontstaan in de laatste ijstijd -de Weichsel ijstijd-, is het een uniek geo– logisch landschap door de bijzondere flora en fauna, waaruit grote steltlopers als de wulp, grutto, tureluur en scholekster zo goed als verdwenen zijn, maar recentelijk bevers, otters, rode wouw, kraanvogel, oehoe en wolven voorkomen. Een landschap vol natuurlijke dynamiek. Het is nog even wachten op het wild zwijn, eland, oeros en de wolharige mammoet.

Dit is ook een landschap dat zijn eigen taal kent, in de vorm van Drentstalige veldnamen; als Zaogkoelakkers, Aolstalbat, Pismuskaamp en Zwienbossengat. Die veldnamen zijn een belangrijk cultuurhistorisch erfgoed, dat vanwege zijn liefde voor het landschap en historie, door boswachter Hindrik Lanjouw uit Anloo -gelukkig voor ons- werd vastgelegd en bewaard. Het is in die zin zoals dr. Hans Elerie en professor Theo Spek het noemden, ook een mentaal en onzichtbaar landschap, dat achter elk fysiek landschap zweeft, bestaande uit namen, verhalen en culturele betekenissen, dat door een individu beleefd wordt en dat eigen betekenissen, waardeoordelen en gevoelens kent.

Aan het huidige bestaan als Nationaal Park ging een langdurig proces vooraf. En dat het beekdallandschap überhaupt bestaat, is mede te danken aan de betrokkenheid en de zorg -en dat is opmerkelijk- van een kunstenaar. ‘Stroomdal van de Drentsche Aa gezien vanaf de Kymmelsberg te Schipborg, 1946/1954’ zo luidt de volledige titel van het werk waar Evert Musch 10 jaar lang aan werkte. Het schilderij toont het Drentsche Aa landschap in al zijn glorie. 70 jaar geleden was het werk klaar. Maar in de jaren tussen 1946 en 1954 schilderde Musch het eerst als een zomer-, daarna als een herfst-, vervolgens een winter- en tenslotte als een lentelandschap. Dat proces maakt het tot een bijzonder schilderij: alle jaargetijden zijn erin aanwezig, verborgen onder een voorjaars façade. In dat werk van Evert Musch vinden we het bewijs dat een kunstenaar in staat is te verbeelden wat je in ambtelijke- of bestuurstaal nauwelijks of niet kunt vatten, namelijk de emotionele waarde en betekenis van dit landschap. Kunst is mede daarom onmisbaar.

Momenteel zitten we middenin een proces met een selecte groep beeldend kunstenaars, die ieder voor zich, maar toch samen, op pad zijn naar hetzelfde doel: de voorgenomen publicatie en tentoonstelling Beek in Beeld. Erik van Ommen benaderde mij om als auteur mee te werken. Erik en ik kenden elkaar al persoonlijk door een eerder samenwerkingsproject, waarin we onze geliefde boerenzwaluw, de merel en de putter in beeld en taal portretteerden. Maar nu werd ik gevraagd als auteur met de kunstenaars mee te werken aan dit project. Dat is een bijzondere en bevoorrechte positie. Omdat ik zowel in het atelier alsook in het hoofd en het hart van de kunstenaar mag kijken. Dat levert bijzondere inkijkjes op kan ik u verzekeren. En ze verschillen nogal van elkaar: qua stijl en techniek natuurlijk, maar ook qua verhouding tot het landschap en hun eigen persoonlijkheden.
Maar één aspect viel me direct op: het schilderen in dit landschap maakt iets los bij de kunstenaar. Ik heb hun gedachten en gevoelens, meningen en opvattingen in een taal mogen tekenen. Voor zover ze die met mij wilden delen natuurlijk. Mijn ervaringen zijn in dat opzicht erg positief. Het zijn aardige en toegewijde mensen en eigenlijk niet anders dan ik verwachtte.

Hun gedachten en gevoelens, meningen, boosheid, twijfel en opvattingen, schilderen ook een taalportret van henzelf en van het landschap dat ze voor dit project verbeelden. Ik ga u een aantal woorden voorlezen uit de gesprekken die ik had, zonder daarbij de naam van de individuele kunstenaar te noemen. Het zijn woorden die samen de verf en structuur zijn van wat er straks in het boek Beek in Beeld gedrukt staat en die woord voor woord betekenis en gevoelswaarde uitstralen. Wanneer ik die woorden op deze manier opnoem, buiten de context van het verhaal dat de kunstenaar mij vertelde, wordt het misschien nog duidelijker hoe ze het landschap ervaren. Hier komen ze:
betrokkenheid, liefde, zorg, voelen, luisteren, ruiken, kijken, kwetsbaar, bewaken, stil, oer, fascinerend, geheimzinnig, vertrouwd, religie, beweging, inspiratiebron, thuisgevoel, balans, essentie, bezield, mytisch, spanning, schoonheid, ontroering, verbinding, tranen.
Het zijn mooie zachte menselijke tinten en structuren, vind u niet? Maar er zijn ook andere woorden die ik optekende met betrekking tot hun beleving van het landschap en vooral waarmee het belaagd wordt: schande, verkracht, pijn, verwoest, misbruik, uitbuiting, gerationaliseerd, stikstof, verdroging, egoïsme, confronterend, eentonig, leeg, doods, alarmbelletje.
Beeldende kunstenaars, maar ook schrijvers en tekstdichters, verbeelden in hun eigen discipline welke betekenis het landschap heeft. Dat doen ze al sinds oeroude tijden. Het is de emotionele beleving die aanzet tot daden. En omgekeerd geldt dat evenzeer. Het is de menselijke verbeeldingskracht. Die verbeeldingskracht van de kunstenaar is niet alleen maar iets aanvullends op het dagelijkse leven.

Die verbeeldingskracht staat op zichzelf, ze is nodig en ze is onmisbaar. Vooral nu in ons land in het openbaar bestuur ten opzichte van de natuur een sfeer dreigt te groeien van vergaande kille economische rationaliteit, kortzichtig eigenbelang en snel scoren-beleid. De natuur en de Drentsche Aa is echter van niemand, behalve van ons allemaal. Wij allemaal dragen zorg voor een zorgvuldig beheerd Drentsche Aa-landschap en alles dat  er op leeft. Volgens landschapsarchitect en landschapshistoricus Henk van Blerck -en ik citeer hem graagis de Drentsche Aa het grootste kunstwerk van Nederland. Het is ons aller kostbaar bezit. Ze stroomt hier al duizenden jaren en ze zal hier blijven stromen, ook als er geen mensen meer zijn.

Eerder had ik het over  emoties en gebeurtenissen die groter, complexer of ongrijpbaarder zijn dan onze ratio in taal kan vatten: onze pijn, boosheid of verdriet kunnen we met kunst laten zien. En kunst bewijst daarmee ook dat we daarin niet alleen zijn. De kunstenaar is de persoon die vanuit zijn eigen optiek ons de waarde, de betekenis, de emotie van dit landschap en datgene wat erop leeft kan laten ervaren. Kunst vergroot ons historisch besef. Kunst geeft het leven betekenis. Kunst is als een spiegel van onze samenleving.

En tenslotte is kunst ook gewoon expressie. Het moet net als de Drentsche Aa vrij zijn om te stromen. Want niet alles kunnen we met logica begrijpen of in taal en beleid uitleggen. Denk bijvoorbeeld aan het beeld De verwoeste stad van Zadkine, het schilderij Guernica van Picasso, De Drentsche Aa bij Schipborg van Evert Musch of Vincent van Gogh, die in Drentse landschappen zijn paradijs vond. De kunstenaars die  meewerken aan het project Beek in Beeld, met hun belangrijke en bijzondere werk voor de Drentsche Aa, staan in deze traditie.

Persbericht expositie Werk in Wording

Het Drents Schildersgenootschap (DSG) presenteert de tussentijdse expositie “Werk in Wording”, een uniek kijkje in het creatieve proces van het kunstproject Beek in Beeld, een ode aan de Drentsche Aa.

Beek in Beeld is een tweejarig kunstproject, waarin achttien kunstenaars van het Drents Schildersgenootschap zich laten inspireren door de Drentsche Aa. Deze unieke beek, die nog volledig in haar oorspronkelijke loop meandert, heeft altijd een magische aantrekkingskracht gehad op kunstenaars. Beek in Beeld heeft als doel de Drentsche Aa van bron tot monding in beeld te brengen met eigentijdse kunstwerken en deze indrukken om te zetten in nieuwe en actuele kunstwerken. RTV Drenthe en het radioprogramma Vroege Vogels hebben regelmatig verslag gedaan van Beek in Beeld.

Nu er één jaar voorbij is, willen we graag de tussentijdse resultaten ervan laten zien aan het publiek. De tentoonstelling “Werk in Wording” biedt zicht op het creatieve proces van de deelnemende kunstenaars. Bezoekers kunnen niet alleen de eindwerken bewonderen, maar ook de schetsen, experimenten, foto’s, overdenkingen, verhaaltjes en de poëzie die tijdens het proces zijn ontstaan.

De opening van de tentoonstelling vindt plaats op vrijdag 5 juli om 16.00 uur in de Buningzaal op de bovenverdieping van warenhuis Vanderveen in Assen. Tijdens de opening worden twee lezingen gegeven die extra context geven aan het project Beek in Beeld:

  • Siemen Dijkstra vertelt over “Drentse Aa, van kunstenaarsidylle tot bedreigd landschap,” waarin hij ingaat op de waarde van natuur en water.
  • Egbert Meijers, ambassadeur van het Nationaal Park Drentsche Aa, zal spreken over “Het proces van de kunstenaar in relatie tot zijn verbeelding van het landschap van de Drentsche Aa.”

Het Drents Schildersgenootschap nodigt U van harte uit om deze bijzondere tentoonstelling te komen bekijken en U te laten meevoeren in de creatieve ontdekkingsreis langs de Drentsche Aa.

Het eindresultaat van Beek in Beeld zal in de zomer van 2025 te zien zijn in museum Nienoord in Leek waar tevens een rijk geïllustreerd boek zal worden gepresenteerd.

Het project Beek in Beeld wordt financieel ondersteund door het Gebiedsfonds Drentsche Aa, Provincie Drenthe, Stichting het Cultuurfonds en het Claas van Gorcumfonds.

Deelnemende kunstenaars:

Siemen Dijkstra, Marieke Geerlings, Albert Greving, Annemarie de Groot, Rineke Hollemans, Klaas Koops, Fleur Krist, Sikko Mulder, Erik van Ommen, Herman van der Poll, Albert Rademaker, Fokko Rijkens, Bea de Roo, Wikje Schoon, Nicole van der Veen-Kerssies, Anneke Verstegen, Wout Wachtmeester en Gineke Zikken.

Mieke Clement en Elvira Dik in Museum Thijnhof

Van 5 juli tot 29 september zijn o.a. de DSG-leden Mieke Clement en Elvira Dik exposanten in Museum Thijnhof in Coevorden. Bij deze ben je van harte uitgenodigd om de opening ven deze expositie bij te wonen op vrijdag 5 juli 16.00 uur. De expositie wordt geopend door Saskia Kluwen, directeur Theater Hofpoort Coevorden.

Mieke maakte voor deze expositie een groot werk: “Nevels” (7 panelen van 200cm x 60 cm).

Elvira exposeert met o.a. ‘Aardbeientaartje zonder slagroom’ , olie op doek (20×20 cm)

Voor meer informatie zie de website van Museum Thijnhof: https://www.thijnhof.nl/

Marieke Geerlings en Anne-Wil Lufting in Arti et Amicitiae

Marieke Geerlings en Anne-Wil Lufting exposeren samen in Arti et Amicitiae in Amsterdam in de expositie 1EN1IS1.

Wij hebben gekozen om iconische plooien uit de kunstgeschiedenis te vertalen naar een gezamenlijk werk in papier. De afzonderlijke delen zijn 20 x 20. Wie goed kijkt kan o.a. Van Eijck, Picasso, Van Gogh, Vermeer etc. herkennen. We namen steeds een onderdeel van het schilderij.
Voor meer informatie: Arti et Amicitiae

Arne Brink (ons nieuwe DSG lid) exposeert in Galerie Mozaiek

Arne Brink: Contrast
Contrast geeft de wereld kleur, in diepte en betekenis. Niet alleen visueel maar ook in standpunten. Leven met contrasterende onderwerpen houdt ons scherp, zet aan tot denken en beweegt ons tot actie.

Als kunstenaar kijkt Arne Brink om zich heen en ziet hij grote onderwerpen die spelen in de samenleving, waar hij visueel zijn reactie op geeft. Thema’s die Brink inspireren zijn klimaatverandering, biodiversiteit, innovatie en wetenschap. Met een contrasterende fascinatie voor uitgestrekte kwetsbare natuur en zware techniek als auto’s, schepen en industrie. Contrasten kunnen ook verbinden. Dat komt tot uiting bij de expositie ‘Contrast’ van Arne Brink. Zijn visie is uiterst nauwkeurig uitgewerkt in tekeningen van groot formaat.

De missie van Brink is om jou, met zijn werken, nieuwe fundamentele manieren van denken te geven waarmee je kunt blijven associëren. Werken die inspireren en impactvolle verhalen vertellen. Grote gebaren die aanmoedigen tot groots handelen. Een kunstwerk van Arne Brink is niet alleen een kunstwerk aan de muur, maar ook een visie die uitdaagt tot fundamenteel anders kijken, denken en doen.

Voor meer informatie over de expositie en Galerie Mozaiek kunt u kijken op onze website.

PERSBERICHT expositie Kunst is Wetenschappelijk Onderzoek?

PERSBERICHT

De kunstenaar als onderzoeker houdt zich bezig met vragen als: is onderzoek in de kunst wel mogelijk? Hoe zou dat eruit zien? Welke methoden zijn geschikt? Wat voor soort kennis levert onderzoek op? Kunst en wetenschap worden vaak gezien als twee verschillende disciplines, elk met hun eigen methoden en doelen. Kunst wordt geassocieerd met creativiteit, expressie en subjectiviteit en wetenschap met logica, objectiviteit en feiten. Maar bij nader onderzoek blijkt dat er een intrigerende synergie bestaat tussen kunst en wetenschap. Het zijn geen gescheiden werelden, maar eerder complementaire domeinen, die elkaar verrijken. De overlapping van creatieve processen, de rol van verbeeldingskracht, de communicatieve aspecten en de wederzijdse inspiratie tonen de waarde van deze synergie tussen kunst en wetenschap.

De praktijk van de beeldend/transformatieve kunstenaar Catherine van Bijnen richt zich op materiële concepten, waarin ze intersecties vormt tussen onderwerpen, zoekt naar nieuwe vormuitwisselingen en focust op de relatie tussen lichaam en materiaal. De interacties met begrippen als de intelligentie van de natuur en zintuigelijke ervaringen staan centraal in haar projecten.

Siemen Dijkstra leerde in zijn academiejaren vondsten tekenen met pen en inkt voor het tijdschrift Archeologische Berichten, waarin de uithoeken van de archeologie werden verkend. Beeldstenen(sculpturen), microlieten(mini-vuistbijltjes van het Kleine Volk?), de aanwezigheid van Homo Erectus boven de poolcirkel, alles getekend en vastgelegd in zeer precieze stippeltekening. Hij ziet zichzelf vooral als beeldend archivaris, niet zozeer als beeldend kunstenaar van de individuele expressie.

Erik van Ommen is een van de weinige kunstenaars, die buiten vogels en dieren schildert en tekent. Een telescoop is daarbij zijn belangrijkste hulpmiddel. Hierdoor kan hij het gedrag van zijn onderwerp zo goed mogelijk bestuderen en schetsen. Veel aquarellen en tekeningen werkt hij ter plaatse uit. Olieverfschilderijen en houtsnede zijn gebaseerd op veldschetsen en ontstaan in zijn atelier.

De taal van het werk van Herman van de Poll is gebaseerd op de mathematische vormen uit de Chaostheorie. Dat is een theorie uit de natuurwetenschap, die de nadruk legt op de rol van de chaos in de werkelijkheid, die veel moeilijker voorspelbaar blijkt te zijn dan werd gedacht. De ideeën van de chaostheorie en de door zijn gekozen methode leiden tot de ontwikkeling van de composities in zijn werk. Naast de techniek acryl/olieverf op linnen gebruikt hij potloodlijnen en afplaktape voor de nauwkeurigheid.  De “ontmanteling”, het verwijderen van de tape, is spannend en de verrassing groot.

Het werk van Henk Rusman behoort tot de stroming van de concrete kunst, een geometrisch-abstracte stijl, waarbij de vormgeving zich richt op de puurheid van de geometrie met vaak het gebruik van de basisvormen, zoals vierkant, driehoek en cirkel. Zijn fascinatie voor vormherhalingen, patronen, regels en het creatieve gebied tussen wiskunde en esthetiek is duidelijk zichtbaar in zijn beelden. Ritme, harmonie en ruimtelijke beleving zijn daarbij van groot belang.